Learn how to use leerling in a Dutch sentence. Over 72 hand-picked examples.
Geen enkele leerling was afwezig.
Translate from Dutch to English
Indien de leerling beter zijn les kende, zou de leraar hem niet straffen.
Translate from Dutch to English
Hij is met voorsprong de intelligentste leerling van de klas.
Translate from Dutch to English
Niet iedere leerling heeft een woordenboek.
Translate from Dutch to English
De leraar noemde elke leerling bij zijn naam.
Translate from Dutch to English
We hebben de boeken aan de leerling gegeven.
Translate from Dutch to English
Ben je een leerkracht of een leerling hier?
Translate from Dutch to English
Bob is de enige leerling in onze klas die Spaans kan spreken.
Translate from Dutch to English
Iedere leerling moet het schoolreglement kennen.
Translate from Dutch to English
"Was zij een leerling van de middelbare school?" "Ja, dat was ze."
Translate from Dutch to English
Hij is de slimste leerling van de klas.
Translate from Dutch to English
Een trage leerling moet harder leren zodat zijn leraren niet aan zijn bekwaamheid beginnen te twijfelen.
Translate from Dutch to English
Ik kwam erachter dat ze een intelligente leerling was.
Translate from Dutch to English
Die leerling verzuimt te vaak.
Translate from Dutch to English
Hij is de beste leerling van de klas.
Translate from Dutch to English
Bent u leraar of leerling?
Translate from Dutch to English
Je was twee jaar geleden geen goede leerling.
Translate from Dutch to English
Jan is een leerling.
Translate from Dutch to English
Hij is een leerling in een middelbare school.
Translate from Dutch to English
Een leerling vraagt iets en de andere antwoordt.
Translate from Dutch to English
Hij is een vlijtige leerling.
Translate from Dutch to English
De leerling kent de gewone naam voor acetylsalicylzuur.
Translate from Dutch to English
George is een voortreffelijke leerling.
Translate from Dutch to English
Ik ben geen slechte leerling.
Translate from Dutch to English
Ik ben niet een slechte leerling.
Translate from Dutch to English
Toen ik leerling was in de klas van Latijn, beweerde men dikwijls dat de kennis van klassieke talen een hulp is voor het leren van onze moderne talen.
Translate from Dutch to English
Geen enkele andere leerling in de klas is zo briljant als hij.
Translate from Dutch to English
Ik ben een nieuwe leerling.
Translate from Dutch to English
De jonge jongen was een goede leerling.
Translate from Dutch to English
Is de nieuwe leerling goed?
Translate from Dutch to English
Natuurlijk zal ik een goede leerling zijn.
Translate from Dutch to English
Een goede leerling is in de klas niet afwezig zonder motief.
Translate from Dutch to English
Eindtermen zijn omschrijvingen van de kennis en vaardigheden waarover een leerling of student aan het eind van ieder onderwijsniveau moet beschikken.
Translate from Dutch to English
Jij bent de slechtste leerling in de klas.
Translate from Dutch to English
Geen enkele leerling klaagt over pijn in de frontale kwab van de linkerhemisfeer.
Translate from Dutch to English
Ik weet dat Tom een snelle leerling is
Translate from Dutch to English
Ik weet dat Tom nog maar een beginneling is, maar hij is een snelle leerling.
Translate from Dutch to English
Tom lijkt meer op een leraar dan op een leerling.
Translate from Dutch to English
Tom werd op school gepest omdat hij een langzame leerling was.
Translate from Dutch to English
Hij is een snelle leerling.
Translate from Dutch to English
Zij is een snelle leerling.
Hij is een leerling op een uitstekende middelbare school.
Hij is leerling aan het Yushu-college.
De leerling werd gestraft vanwege roken.
Niet elke leerling heeft een zondagsschrift.
De leerling gaf het juiste antwoord.
Ik kon een leerling horen snurken achter in de klas.
Edison was geen briljante leerling.
Je bent geen leerling.
Een leraar mag niet lachen om een leerling die een fout heeft gemaakt.
Een lerares mag niet lachen om een leerling die een fout heeft gemaakt.
Een lerares mag niet lachen om een leerling die een fout gemaakt heeft.
Tom was mijn leerling niet.
Tom was niet mijn leerling.
Jij bent een trage leerling.
Je bent geen goede leerling.
Ik heb net met je lerares gesproken en ik ben erg trots op je. Je bent een zeer goede leerling.
Ik heb net met je leraar gesproken en ik ben erg trots op je. Je bent een zeer goede leerling.
Een leraar zou nooit een leerling die een fout maakt mogen uitlachen.
De leerling heeft een tekst gelezen.
De leerling deed een redelijk verzoek.
De leerling heeft zijn eigen website.
Ik ben een ijverige leerling.
Ben je een nieuwe leerling?
Bent u een nieuwe leerling?
Tom is een goede leerling, niet?
Tom was de slechtste leerling van de klas.
We hebben een nieuwe leerling in de klas.
Als oud-leerling kwam hij nog één keer per jaar in zijn oude school.
Bent u een leerkracht of een leerling hier?
Hij is geen leerling.
De leerling vertrok zonder iets te zeggen.