Learn how to use werkwoord in a Dutch sentence. Over 13 hand-picked examples.
Dit werkwoord wordt gewoonlijk alleen gebruikt in de derde persoon.
Translate from Dutch to English
Maak een Italiaans werkwoord met de letters.
Translate from Dutch to English
In de meeste talen is het werkwoord een essentiëel zinsdeel.
Translate from Dutch to English
Dit werkwoord gelijkt een beetje op "drinken".
Translate from Dutch to English
Dit werkwoord wordt op een tamelijk speciale manier verbogen.
Translate from Dutch to English
Welke uitgangen heeft dit werkwoord in de tegenwoordige tijd?
Translate from Dutch to English
In het Frans gebruikt men het werkwoord "faire" voor vanalles en nog wat.
Translate from Dutch to English
Het is onmenselijk hoe de Duitsers hun werkwoorden in stukken snijden. Een werkwoord heeft het in deze wereld al moeilijk genoeg om in één stuk te blijven. Het is ronduit barbaars om het te splitsen. Maar dat is precies wat die Duitsers doen. Ze nemen een deel van een werkwoord en leggen het hier neer, als een staak, nemen vervolgens het andere deel van het werkwoord en leggen het, als een andere staak, ginder aan de overkant en tussen die twee limieten scheppen ze nog maar een hoop Duits.
Translate from Dutch to English
Dit is een werkwoord.
Translate from Dutch to English
Het werkwoord "eten" is mijn favoriete werkwoord in alle talen.
Translate from Dutch to English
In het Latijn staat het werkwoord meestal aan het eind van de zin.
Translate from Dutch to English
Het deel van een werkwoord, dat deels een werkwoord en deels een bijvoeglijk naamwoord is, wordt een deelwoord genoemd.
Translate from Dutch to English
Liefde is een werkwoord.
Translate from Dutch to English