Lernen Sie, wie man jawel in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 4 handverlesene Beispiele.
Jawel.
Translate from Niederländisch to Englisch
''Tom, je moet me dat boek teruggeven.'' ''Maar je hebt het me toch als cadeau geschonken?'' ''Jawel, maar het is niet aan mij om het weg te geven. Ik had het jaren geleden van Mary geleend en nu wil ze het terug.''
Translate from Niederländisch to Englisch
Jawel, ik heb het gedaan.
Translate from Niederländisch to Englisch
„Kom je niet mee?” – „Jawel!”
Translate from Niederländisch to Englisch