Lernen Sie, wie man vertrouwen in einem Niederländisch Satz verwendet. Über 100 handverlesene Beispiele.
Als de wereld niet was zoals ze is, zou ik iedereen kunnen vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Jullie hoeven niets anders te doen, dan op elkaar te vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Het enige wat jullie kunnen doen, is elkaar vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Vertrouwen komt te voet en gaat te paard.
Translate from Niederländisch to Englisch
De Amerikanen hebben hun vertrouwen in Toyota verloren.
Translate from Niederländisch to Englisch
Zij is te vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ze hebben het volste vertrouwen in hun leider.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik ben mijn vertrouwen in hem verloren.
Translate from Niederländisch to Englisch
Zijn ouders vertrouwen hem.
Translate from Niederländisch to Englisch
Goed, ge kunt mij vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Hij heeft mijn vertrouwen misbruikt.
Translate from Niederländisch to Englisch
Men kan deze machine niet vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik heb niemand op wie ik kan vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Hij had iets dat ik niet had: vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Wie geen vertrouwen heeft, heeft geen spijt.
Translate from Niederländisch to Englisch
Alles wat je moet doen is op mij vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik kan niet vertrouwen op wat ze zegt.
Translate from Niederländisch to Englisch
Men kan haar vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik heb een groot vertrouwen in de dokter.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik nam hem in vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Maak je geen zorgen. Je kunt me vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Hij is gewoonlijk heel direct en eerlijk en wint daardoor het vertrouwen van wie hem kent.
Translate from Niederländisch to Englisch
Dat is iemand op wie je kan vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
We hebben vertrouwen in onze overwinning.
Translate from Niederländisch to Englisch
Vertrouwen is het nemen van de eerste stap, zelfs als je niet de hele trap kunt zien.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik heb vertrouwen in het gezond verstand van onze gemeenschap.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik geloof dat hij te vertrouwen is.
Translate from Niederländisch to Englisch
Eerlijk, ik kan hem niet vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Je kan hem vertrouwen dat hij zijn woord zal houden.
Translate from Niederländisch to Englisch
Sommigen zouden nu zeggen, dat het wel daar voor is, dat men het net uitgevonden heeft, maar ik zeg u, dat ook ik er altijd de voorkeur aan geef te vertrouwen op de praktische ervaring en rechtstreeks met mensen te spreken.
Translate from Niederländisch to Englisch
Mensen verloren het vertrouwen in banken.
Translate from Niederländisch to Englisch
Je kunt op dit woordenboek vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Kan men hem vertrouwen?
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik denk dat je die man niet kan vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik wist dat ik je kon vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Hij won mijn vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Tom heeft geen vertrouwen in de politie.
Translate from Niederländisch to Englisch
Er is groeiend vertrouwen in de huizenmarkt volgens de economen.
Translate from Niederländisch to Englisch
Wij vertrouwen op God.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik heb alle vertrouwen in je.
Translate from Niederländisch to Englisch
Iedereen heeft vertrouwen in haar.
Translate from Niederländisch to Englisch
Ik ben er bijna zeker van dat we Tom kunnen vertrouwen.
Translate from Niederländisch to Englisch
En jullie? Vertrouwen jullie deze man?
Translate from Niederländisch to Englisch
Hij was dat soort persoon dat je kunt vertrouwen.
Ik had je niet moeten vertrouwen.
Ik kan u niet vertrouwen.
Ik kan Tom vertrouwen.
Vriendschap vereist wederzijds vertrouwen.
Wij vertrouwen geen vreemdelingen.
Men kan haar niet vertrouwen.
Men kan hem niet vertrouwen.
Je kan hem niet vertrouwen.
We moeten hen vertrouwen.
Ze heeft vertrouwen in Tom.
Ik heb vertrouwen in hem.
Men kan politici niet vertrouwen.
We hebben geen vertrouwen in de regering.
Je kan op hem vertrouwen.
Op hem kan je vertrouwen.
Je kan hem vertrouwen.
Hij is te vertrouwen.
Mijn kinderen vertrouwen op me.
U weet dat u me kunt vertrouwen.
We kunnen niet vertrouwen op wat ze zegt.
Hij is een man die je altijd kunt vertrouwen.
Tom koestert een onwrikbaar vertrouwen in zijn kinderen.
Zij heeft mijn vertrouwen misbruikt.
Vriendschap zonder vertrouwen is als een bloem zonder geur.
Ik kan hem niet langer vertrouwen.
Tom wist dat hij de enige was die Maria zou vertrouwen.
Ik heb nooit vertrouwen in deze affaire gehad.
Het is noodzakelijk, vooral in scholen, misschien minder aan universiteiten, dat de onderwezenen vertrouwen hebben in de onderwijzers.
Mijn vertrouwen moet je winnen en mijn respect moet je verdienen.
Ze zullen nooit weten of hij te vertrouwen is.
Je bent te vertrouwen.
Maria zegt dat ze alleen ons tweeën kan vertrouwen.
We zullen nooit weten of hij te vertrouwen is.
Wij Weners kijken met vertrouwen naar ons verleden.
"Ik heb je te lang vertrouwen geschonken, Effie," schreeuwde hij, weerbarstig.
Hoe geleerd hij ook is, hij is niet te vertrouwen.
Heb vertrouwen.
Ik kan hem niet vertrouwen.
Niemand wilde mijn land vertrouwen.
Niemand wil mijn land vertrouwen.
Hij heeft vertrouwen in zijn vaardigheden.
Ik heb er geen vertrouwen in dat Tom weet waar hij het over heeft.
Hij heeft wat vertrouwen en respect van mij teruggewonnen.
Ik heb vertrouwen in Tom.
Tom is niet te vertrouwen.
Tom is iemand die niet te vertrouwen is.
Wie iedereen begint te vertrouwen, zal uiteindelijk denken dat iedereen een schurk is.
Heb vertrouwen in jezelf.
Moge het lot dat je overkomt je vertrouwen niet vernietigen.
Kan ik hem vertrouwen?
Je kunt niemand vertrouwen.
Het is onmogelijk om hem te vertrouwen.
Ik kan John niet met mijn auto vertrouwen.
Je moet iemand niet te snel vertrouwen.
Zo'n man kan men niet vertrouwen.
Weet je zeker dat je Tom kunt vertrouwen?