Learn how to use kantoor in a neerlandés sentence. Over 100 hand-picked examples.
De mensen op kantoor zullen nooit instemmen.
Translate from neerlandés to inglés
Het kantoor van meneer Popescu is op de tiende verdieping.
Translate from neerlandés to inglés
Mijn kantoor bevindt zich op de vijfde verdieping.
Translate from neerlandés to inglés
Soms ontsnap ik uit mijn kantoor om koffie te drinken.
Translate from neerlandés to inglés
Normaal gaat mijn vader met de bus naar kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
De meubels in dit kantoor zijn zeer modern.
Translate from neerlandés to inglés
Kom ik uw kantoor binnen?
Translate from neerlandés to inglés
Af en toe neemt hij een kijkje in deze boekhandel onderweg naar huis van kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Kunt ge met de trein naar kantoor gaan?
Translate from neerlandés to inglés
Gisteren kwam hij naar mijn kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Ze werkt als secretaresse op een kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Ik heb gisteren zijn kantoor opgebeld.
Translate from neerlandés to inglés
Hij werkt met mij in het kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
De deur van het kantoor is geel.
Translate from neerlandés to inglés
We hebben genoeg werk te doen op kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Ik heb gemakkelijk zijn kantoor gevonden.
Translate from neerlandés to inglés
Je moet niet naar het kantoor komen op zaterdag.
Translate from neerlandés to inglés
Hij vond zijn kantoor zonder problemen.
Translate from neerlandés to inglés
Kom ik naar uw kantoor?
Translate from neerlandés to inglés
Tot morgen op kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Hij kan met niemand opschieten in het kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Omdat hij zich niet goed voelt vandaag, kan hij niet naar het kantoor komen.
Translate from neerlandés to inglés
Zijn kantoor bevindt zich in het stadscentrum.
Translate from neerlandés to inglés
Mijn secretaresse is de liefste persoon op het kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Is meneer Jones op kantoor?
Translate from neerlandés to inglés
Het is tegen de regels op kantoor te roken.
Translate from neerlandés to inglés
Ging je gisteren naar kantoor?
Translate from neerlandés to inglés
Tom kwam naar mijn kantoor om me om geld te vragen.
Translate from neerlandés to inglés
De man die je gisteren in mijn kantoor zag komt uit België.
Translate from neerlandés to inglés
Je hebt artikels gezonden uit je kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Je hebt cd's gezonden uit je kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Ik ging binnen in het nieuwe kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Ik moest met de bus naar het kantoor rijden, omdat mijn auto een motordefect had.
Translate from neerlandés to inglés
Ik wil niet dat Tom naar je kantoor gaat.
Translate from neerlandés to inglés
Deze morgen is Tom naar mijn kantoor gekomen.
Translate from neerlandés to inglés
Tom wacht op ons in zijn kantoor.
Translate from neerlandés to inglés
Toms kantoor is niet waar ik dacht dat het was.
Translate from neerlandés to inglés
Tot ziens! Hoe geraak ik uit het kantoor?
Translate from neerlandés to inglés
Na een dag op je stoel in het kantoor, met uitdagingen, verantwoordelijkheden en beslissingen, wat is er dan beter dan een uurtje ontspanning met pasjes rumba, quickstep of tango?
Translate from neerlandés to inglés
Kom vanmiddag naar mijn kantoor alstublieft.
Translate from neerlandés to inglés
In het algemeen komt hij op kantoor aan rond halftien 's morgens.
Translate from neerlandés to inglés
Ik ben erin geslaagd zijn kantoor te vinden.
Translate from neerlandés to inglés
Hij kon de inrichting van kantoor van zijn belastingen aftrekken.
Meneer Kinoshita heeft zijn bril gisteren op kantoor laten liggen.
De heer Tanaka is op het ogenblik niet op zijn kantoor.
Als ze weer komt, stuur haar dan meteen naar mijn kantoor.
Alles wat we weten, is dat Tom om half drie naar ons kantoor komt.
Tom volgde Maria in haar kantoor.
Tom en Mary werken in hetzelfde kantoor.
Ik ga terug naar kantoor.
We zullen elkaar in mijn kantoor ontmoeten.
Het kantoor van de burgemeester is in het stadhuis.
Meneer Phillips is op dit moment niet in zijn kantoor.
Terwijl het verbruik van cocaïne daalde, steeg dit van hasj en opioïde, zegt een rapport van het VN-kantoor over narcotica en criminaliteit over het gebruik van narcotica in 2015.
Er ligt een stapel geld op de grond in het midden van Toms kantoor.
Breng hen naar mijn kantoor.
Hij kan met niemand op kantoor opschieten.
Hij is net uit het kantoor vertrokken.
Op kantoor zijn we met zijn twaalven.
Het was makkelijk om zijn kantoor te vinden.
Iemand liet de ramen van het kantoor open.
Iemand heeft de vensters van het kantoor opengelaten.
Het is duur om een kantoor te huren in het centrum van Boston.
Wat spookt ze daar uit in zijn kantoor?
Wat spookt ze daar uit in haar kantoor?
Waar is mijn kantoor?
Ben je gisteren naar kantoor gegaan?
Tom stormde het kantoor uit.
Tom rende het kantoor uit.
Vader nam me soms mee naar kantoor.
Onlangs is de toenemende diversiteit van computergebruik uitgebreid ver boven het gebruiksgebied van een kantoor.
Hij aarzelde tussen naar huis gaan en blijven werken op het kantoor.
Ik ben vanmiddag in slaap gevallen op het kantoor.
De conciërge heeft zijn kantoor op de tussenverdieping.
Ik zal in mijn kantoor zijn vanaf tien uur.
Toms loonstrook is in het kantoor.
Kom bij mijn kantoor langs, zo zal ik het je uitleggen.
Tom luncht vlak bij het kantoor waar hij werkt.
Sami staarde met twee andere mensen naar dat kantoor.
Sami was met twee andere mensen naar dat kantoor aan het staren.
Ik wil jullie allebei op mijn kantoor zien.
Sami ging Layla haar kantoor binnen.
Hij haalde diep adem voordat hij het kantoor van zijn chef binnenging.
Meestal komt hij 's morgens om half tien op kantoor.
Maria is alleen op haar kantoor.
Zij is op kantoor.
Je hoeft niet naar kantoor te komen op zaterdag.
Mennad heeft een kantoor in Egypte.
Tot ziens! Hoe kom ik het kantoor uit?
Tom en Mary zeiden dat zij dachten dat John altijd op maandag op zijn kantoor was.
Ik dacht niet dat ik op maandag op mijn kantoor zou zijn.
Tom en Mary wachten in hun kantoor.
Ik wil je iets laten zien in mijn kantoor.
Ik wil u iets laten zien in mijn kantoor.
Ik wil jullie iets laten zien in mijn kantoor.
In het algemeen komt hij op kantoor rond half tien 's morgens.
Mijn kantoor is op de vijfde verdieping.
Ik dacht dat dit weer een saaie dag op kantoor zou worden.
Verlaat onmiddellijk mijn kantoor!
Tom zou graag langer zijn gebleven maar hij moest terug naar kantoor.